Als eerste. Waarom is in het onderzoek niet gekeken naar de plekken waar flexwoningen wel zijn gerealiseerd? Het ministerie heeft bij voorbeeld een publicatie opgesteld met succesverhalen. Daar zitten ook voorbeelden van plattelandsgemeenten tussen. Waarom lukt het daar wel en kan dat ons ook helpen? Daarnaast hebben we hier in de regio ook bouwers die deze woningen maken. Wat zijn hun ervaringen? We lezen daar in het gemeentelijke onderzoek niets over. Dat roept toch de vraag op of er niet met een te conservatieve bril naar deze materie gekeken is. Stond men wel voldoende open voor een andere uitkomst met alle uitdagingen van die daarbij horen?

En als tweede Het onderzoek richt zich op het bouwen van flexwoningen door SWA. Wat ons betreft is dit te smal. Hoe zit het met andere woningbouwcorporaties en private partijen? De vraag is dan ook welke conclusie trekt het college op basis van dit onderzoek; is dit het eind voor flexwoningen in Achtkarspelen en dus ook van de ambitie van de raad om de komende 2 jaar 50 flexwoningen te realiseren, of is het college van plan om verder te kijken. Dit laatste, dus verder kijken, is wat de ChristenUnie betreft noodzakelijk. Wij hebben niet de illusie dat flexwoningen het volledige probleem in Achtkarspelen zal oplossen maar we zitten ook niet in de luxe positie om kansen te missen. Daarvoor is het woningenprobleem in onze gemeente te groot. Elke woning erbij is de moeite waard.